SluitenHelpPrint
Switch to English
Cursus: 201000116
201000116
Test en observatievaardigheden
Cursus informatieRooster
Cursuscode201000116
Studiepunten (ECTS)7,5
Categorie / Niveau3 (Bachelor Gevorderd)
CursustypeCursorisch onderwijs
VoertaalNederlands
Aangeboden doorFaculteit Sociale Wetenschappen; Undergraduate School Sociale Wetenschappen; Pedagogische Wetenschappen;
Contactpersoondr. M. Spuij
Telefoon+31 30 2537624
E-mailM.Spuij@uu.nl
Docenten
VorigeVolgende 3
Docent
R.M. Albers, MSc
Overige cursussen docent
Docent
M.T. de Beer
Overige cursussen docent
Docent
Docenten van de afdeling/departement(en)
Feedback en bereikbaarheid
Overige cursussen docent
Docent
A.E.A. Hofman
Overige cursussen docent
Docent
T. Kramer
Overige cursussen docent
Blok
4  (22-04-2019 t/m 28-06-2019)
Aanvangsblok
4
TimeslotAD: Zie 'Help'
Onderwijsvorm
Voltijd
Cursusinschrijving geopendvanaf 29-10-2018 t/m 25-11-2018
Inschrijven via OSIRISJa
Inschrijven voor bijvakkersJa
VoorinschrijvingNee
Na-inschrijvingJa
Na-inschrijving geopendvanaf 21-01-2019 t/m 22-01-2019
WachtlijstNee
Cursusdoelen
  • De student heeft kennis van verschillende soorten observatiemethoden, tests en toetsmethoden die gebruikt worden ten behoeve van diagnostische besluitvorming.
  • De student leert gestructureerd een kind observeren en daarover schriftelijk rapporteren. De student kan verschillende tests afnemen, scoren en interpreteren en integreren met overige informatie
  • De student heeft kennis van testtheorieën en psychometrische kenmerken van tests en kan dit toepassen ten behoeve van de beroepspraktijk.
  • De student geeft in de vorm van persoonlijke leerdoelen sturing aan zijn/haar eigen leerporcoes en kan hierover kritisch reflecteren op zijn/haar eigen handelen


Relatie tussen de toetsen en leerdoelen

De cursus bestaat uit een reeks praktische opdrachten. Deze opdrachten sluiten nauw aan bij de leerdoelen. Zo zullen studenten getraind worden in het leren observeren en een observatieverslag schrijven. Ze zullen ook beoordeeld worden op hun vaardigheden in het selecteren, afnemen, scoren van tests en het mondeling en schriftelijk hierover rapporteren. Dit wordt gedaan aan de hand van a) casuïstiek die gepresenteerd wordt in de opdrachten en b) een observatie van een kind in een natuurlijke situatie (bijvoorbeeld op het schoolplein in een pauze) c) een testafname en bijbehorende rapportage bij een kind en zijn/haar ouders. Het is daarom nodig dat iedere student zelf een kind (leeftijd tussen 8 en 12 jaar, basisschool) en zijn/haar ouders bereid vindt om mee te werken aan deze opdracht. Meer informatie hierover wordt bij aanvang van de cursus verstrekt.
 
Inhoud
De cursus richt zich op het ontwikkelen van professionele vaardigheden die nodig zijn in de beroepspraktijk en wetenschappelijk onderzoek. De vaardigheden die centraal staan hebben betrekking op de onderkenning van opvoedings- en ontwikkelingsproblemen bij kinderen en jeugdigen.
Tijdens de cursus wordt er geoefend met observeren en afname, scoren, interpreteren en rapporteren over verschillende typen onderzoeksinstrumenten die (veelvuldig) gebruikt worden in de beroepspraktijk van (ortho)pedagogen. Er wordt geoefend aan de hand van diverse tests. Op de eerste plaats zijn dit genormeerde tests die een sterk gestandaardiseerde instructie hebben (bijvoorbeeld de intelligentietest WISC-V). Er is in de cursus nadrukkelijk aandacht voor de psychometrische kenmerken van tests. Daarnaast wordt geoefend met criteriumtoetsen, waarmee het didactisch niveau van kinderen kan worden bepaald. Ook zul je vaardig worden in de afname, scoring en interpretatie van vragenlijsten die bij ouders en/of kind kunnen worden afgenomen. Tenslotte leer je de grote hoeveelheid informatie die je hebt verzameld bij meerdere informanten (zoals bijvoorbeeld ouders en kind) te integreren, te koppelen aan theorie en terug te koppelen aan ouders en kinderen.
In de cursus zal ook aandacht zijn voor het ontwikkelen van een professionele attitude. Studenten worden gestimuleerd hun eigen leerproces vorm te geven door persoonlijke leerdoelen op te stellen, te evalueren en bij te stellen voor toekomstige situaties. 
Deze cursus past onder andere binnen de leerlijn klinische vaardigheden. De werkcolleges bestaan uit maximaal 20 studenten.
 
 
Ingangseisen
Voorkennis
Er wordt vanuit gegaan dat studenten kennis hebben van de belangrijkste theorieën over opvoeding en ontwikkeling en dat zij kennis hebben opgedaan van methoden en technieken van sociaal wetenschappelijk onderzoek in het algemeen en in het bijzonder van testconstructie.
Voorkennis kan worden opgedaan met
Communicatievaardigheden, Pedagogische systemen in de kindertijd en adolescentie, Pedagogische systemen in de eerste levensjaren, Developmental Psychopathology, Kennismaking met onderzoeksmethoden en statistiek, Toepassing van onderzoeksmethoden en statistiek en MTS 3.
Verplicht materiaal
Diverse
Studenten dienen testmateriaal aan te schaffen (wordt nader bekend gemaakt).
Literatuur
Tak, J. A., Bosch, J. D., Begeer, S., & Albrecht, G. (Red) (2014). Handboek psychodiagnostiek voor de hulpverlening aan kinderen en adolescenten. Achtste geheel herziene druk. Utrecht: De Tijdstroom.
Werkvormen
Hoorcollege

Inzage

Werkcollege

Voorbereiding bijeenkomsten
Voor de hoorcolleges en werkcolleges is het noodzakelijk dat studenten zich voorbereiden, zoals in de cursushandleiding aangegeven. Er geldt voor de werkcolleges een inspannings- en aanwezigheidsverplichting. Indien hier niet aan wordt voldaan, wordt de student uitgesloten van (verdere) deelname aan de opdrachten. Studenten dienen rekening te houden met het feit dat zij regelmatig moeten samenwerken in groepen.

Bijdrage aan groepswerk
In de werkcolleges wordt vooral gewerkt met opdrachten om zo de vaardigheden te leren beheersen. Van studenten wordt een open en kritische houding gevraagd. Ze dienen te reflecteren over het eigen leerproces en anderen te kunnen voorzien van feedback. Buiten de werkcolleges om zullen studenten in subgroepjes aan opdrachten werken en vaardigheden oefenen.

Werkgroep extensief

Toetsen
Selecteren van tests.
Weging0
Minimum cijfer-

Afname, scoren en rapporteren.
Weging100
Minimum cijfer5,5

Beoordeling
Voorwaarden voor deelname aan de aanvullende toets worden in de cursushandleiding vermeld.

SluitenHelpPrint
Switch to English