SluitenHelpPrint
Switch to English
Cursus: 200300004
200300004
Familiesociologie: trends, theorie en kwantitatief onderzoek
Cursus informatieRooster
Cursuscode200300004
Studiepunten (ECTS)7,5
Categorie / Niveau3 (Bachelor Gevorderd)
CursustypeCursorisch onderwijs
VoertaalNederlands
Aangeboden doorFaculteit Sociale Wetenschappen; Undergraduate School Sociale Wetenschappen; Sociologie;
ContactpersoonSecretariaat Sociologie
Telefoon030-2532101
E-mailsociologie.fss@uu.nl
Docenten
Docent
dr. K.H. Begall
Feedback en bereikbaarheid
Overige cursussen docent
Docent
dr. J.J. Mandemakers
Overige cursussen docent
Contactpersoon van de cursus
dr. A. Poortman
Overige cursussen docent
Docent
dr. A. Poortman
Feedback en bereikbaarheid
Overige cursussen docent
Blok
4  (20-04-2020 t/m 28-06-2020)
Aanvangsblok
4
TimeslotD: WO-middag, WO-namiddag, Vrijdag
Onderwijsvorm
Voltijd
OpmerkingHet vak bevat een sterk kwantitatief onderzoekselement. De colleges zijn in het NL, de te lezen literatuur in het ENG.
Cursusinschrijving geopendvanaf 28-10-2019 t/m 24-11-2019
Inschrijven via OSIRISJa
Inschrijven voor bijvakkersJa
VoorinschrijvingNee
WachtlijstNee
Plaatsingsprocedureniet van toepassing
Cursusdoelen
  • Verwerven van kennis over de veranderende rol van families in onze samenleving en de verschillende sociaal-wetenschappelijke verklaringen daarvoor
  • Het kunnen lezen, beschrijven en interpreteren van kwantitatieve empirische gegevens, tabellen en grafieken over sociaal-demografische onderwerpen
  • Het kunnen toepassen van sociaal-wetenschappelijke theorieën om empirische gegevens te duiden en verklaren
  • Het kunnen afleiden en formuleren van toetsbare hypothesen
  • Het kunnen toetsen van hypothesen met behulp van statistische analyses, i.h.b. regressie analyse, op een grootschalige dataset, inclusie data manipulatie in SPSS
  • Het op een wetenschappelijke wijze rapporteren over het de resultaten van het onderzoek
Inhoud
In deze cursus komen zowel de P (probleem), T (theorie) als O (onderzoek) aan de orde waarbij de nadruk ligt op de T en de O. De student dient deductief te kunnen redeneren (hypothesen uit theorieën af leiden) en theorieën te kunnen toepassen op nieuwe vragen. Daarnaast ligt de nadruk op het kunnen interpreteren  van tabellen met kwantitatieve gegevens (passieve kennis statistiek) en op het zelf uit kunnen voeren van statistische analyses, i.h.b. regressie analyse, om zelf ontwikkelde hypothesen te toetsen (actieve kennis statistiek).

Allereerst geeft deze cursus een overzicht van de belangrijkste thema’s binnen de familiesociologie, zoals trouwen, kinderen krijgen, scheiden, en huishoudelijke taakverdeling. Per thema gaan we in op een beschrijving van het desbetreffende verschijnsel (bijv. de verdeling van taken tussen man en vrouw) over een langere tijdsperiode (i.e., trends), als wel de theoretische verklaringen hiervoor. Daarbij worden deze ontwikkelingen en verklaringen geïllustreerd aan de hand van bevindingen uit kwantitatief empirisch onderzoek.
Ten tweede voeren studenten zelf een kwantitatief onderzoek uit op een familie-sociologisch thema, waarover zij op wetenschappelijke wijze rapporteren.

Studenten maken daarbij gebruik van een bestaand databestand. Hiervoor is kennis van SPSS en regressie analyse nodig (Bij voorkeur op niveau 3). Het wordt aangeraden deze cursus niet gelijktijdig maar voorafgaand aan het Bachelor project te doen.

Deze cursus staat ook open voor premaster studenten van de master Sociology: Contemporary Social Problems als alternatief voor het leeronderzoek. Deze cursus is echter een niveau 3 vak, waarbij van studenten meer gevraagd wordt als het gaat om inzicht en toepassing van inhoudelijke kennis en statistiek.
 
Ingangseisen
Er moet voldaan zijn aan minimaal één van de cursussen:
- MV: MTS2 voor SOC (201100024)
- MV: TOE (SOC) (201800024)
Voorkennis
Actieve en passieve kennis van regressie-analyse wordt verondersteld.
Verplicht materiaal
Handleiding
Zie voor meer informatie de cursushandleiding.
Werkvormen
Computerpracticum

Hoorcollege

Inzage

Werkcollege

Voorbereiding bijeenkomsten
Bestuderen literatuur en maken van opdrachten.

Toetsen
Eindresultaat
Weging100
Minimum cijfer5,5

Beoordeling
Paper (50%) en tentamen (50%). Eindcijfer is het gewogen gemiddelde. Zie voor meer informatie de cursushandleiding.

De beoordeling geschiedt op grond van een individueel tentamen (50%) en een onderzoekspaper in drietallen (50%). Het tentamen toetst op kennis van de belangrijkste thema’s en het kunnen toepassen van de belangrijkste theorieen en bevindingen uit de familiesociologie. Het onderzoekspaper toetst het wetenschappelijk kunnen rapporteren over een zelf uitgevoerd empirisch onderzoek.

SluitenHelpPrint
Switch to English